Tegels berekenen

Voor een badkamervloer van 2,50 × 2,00 m in tegels van 60 × 30 cm hebt u met voegen van 3 mm en 10 % marge 31 tegels nodig, plus 19 kg tegellijm bij een lijmkam van 10 mm en ongeveer 1,3 kg voegmiddel. De rekenhulp zegt ook waar de snijstukken vallen.

Uw maten

Voorbeeld

Komma of punt: 2,50 en 2.50 geven hetzelfde.

Voorbeeld: vervang de waarden door die van u.

U hebt nodig

31 tegels voor 5,50 m² met marge

Langs de lengte passen 4 hele tegels, dan blijft een strook van maar 8,8 cm. Begint u in het midden, dan worden beide snijstukken 34,4 cm breed in plaats van één smalle strook. Langs de breedte passen 6 hele tegels, dan een snijstuk van 18,2 cm. Van de zak lijm blijft 6 kg over. Volgens Weber is aangemaakte webercol plus project 4 uur verwerkbaar en de vloer na 24 uur beloopbaar; bij vloerverwarming en buiten vraagt Weber een lijmoverdracht van 100 %.

Uw maten in een schets
2,50 m2,00 mTegels 60 cm × 30 cm
Het oppervlak van boven, de tegels met de lange kant langs de lengte, gelegd vanuit een hoek. De laatste rij en de laatste kolom zijn snijstukken.
Alle waarden
Te betegelen oppervlak
5,00 m²
Met 10 % marge
5,50 m²
Tegels per m², met voeg
5,47
Tegels
31 tegels
Tegellijm bij 3,8 kg per m²
19 kg, 1 zak van 25 kg
Voegmiddel, voeg 3 mm breed en 9 mm diep, met 10 % verlies
ongeveer 1,3 kg

De berekening

  1. Oppervlak = 2,50 m × 2,00 m = 5,00 m²
  2. Eén tegel met voeg = (60 cm + 3 mm) × (30 cm + 3 mm) = 0,1827 m², dus 5,47 tegels per m²
  3. Met 10 % marge: 5,00 m² × 1,10 = 5,50 m²; × 5,47 = 30,1, afgerond 31 tegels
  4. Tegellijm = 5,00 m² × 3,8 kg per m² = 19 kg, dus 1 zak van 25 kg
  5. Voegmiddel, formule van Weber = (600 + 300) × 3 mm × 9 mm × 1,8 ÷ (600 × 300) = 0,243 kg per m²; × 5,00 m² = 1,21 kg, met 10 % verlies 1,34 kg

Hoeveel tegels per m²?

Een tegel beslaat zijn eigen oppervlak plus een voeg aan twee kanten. Met voegen van 3 mm passen er daarom 5,47 tegels van 30 × 60 cm in een vierkante meter, geen 5,56. De waarden hieronder zijn zonder marge; het voegmiddel is gerekend voor voegen van 9 mm diep, zonder de 10 % verlies die Weber aanraadt. Een diepere voeg vraagt meer.

Tegels en voegmiddel per m², voegen van 3 mm
FormaatTegels per m²Voegmiddel per m²In de rekenhulp zetten
15 × 15 cm42,720,65 kg
20 × 20 cm24,270,49 kg
30 × 30 cm10,890,32 kg
30 × 60 cm5,470,24 kg
60 × 60 cm2,750,16 kg
20 × 120 cm4,090,28 kg
80 × 80 cm1,550,12 kg

Lijm en voeg: waar de getallen vandaan komen

Tegellijm: Weber Beamix geeft voor webercol plus project het verbruik per vertanding van de lijmkam: 1,5 kg/m² bij 4 mm, 2,2 kg/m² bij 6 mm, 3 kg/m² bij 8 mm, 3,8 kg/m² bij 10 mm, 4,6 kg/m² bij 12 mm, 5,5 kg/m² bij 15 mm, in zakken van 25 kg. Een andere lijm verbruikt iets anders; vul de waarde van het informatieblad van uw lijm in.

Voegmiddel: de rekenhulp gebruikt de formule die Weber voor webercolor premium geeft: (lengte + breedte van de tegel) × voegbreedte × voegdiepte × 1,8 ÷ (lengte × breedte), alles in millimeters, in kg per m², met ongeveer 10 % verlies erbij. Een ander voegmiddel noemt zijn eigen verbruik.

Goed meten

  • Meet de vloer of wand op de langste en breedste plek. Een L-vormige ruimte of een nis rekent u in rechthoeken, elk apart.
  • Trek af wat niet betegeld wordt: douchebak, bad, deur of raam.
  • Neem de maten en de dikte van de tegel van de doos. De rekenhulp legt de lange kant langs de lengte van het oppervlak.

Wat de rekenhulp niet beslist

  • Welke lijm en welke vertanding bij uw tegel en ondergrond passen, en of er een primer of waterdichting nodig is, staat op het informatieblad van de lijm.
  • De marge kiest u zelf. Een ruimte met veel hoeken, diagonaal leggen of een patroon vraagt meer dan een rechthoekige vloer.